Vorige week begon met een pittig weekend, maar dit bleek de aanloop naar een omslagpunt waar ik eigenlijk al heel lang op hoopte. Het trage aankomen, me fysiek en geestelijk toch nog zo schrikbarend slecht voelen steeds – ik heb me regelmatig afgevraagd of ik begin februari wel sterk genoeg zou zijn om mijn leven thuis weer aan te kunnen, hoe zeer ik daar ook naar terugverlang. Woensdag begon ik me stukken beter te voelen, het getintel en geprik in mijn lijf is nagenoeg weg, mijn benen voelen sterker, mijn hoofd doet het weer, en het “gesuis” is er alleen nog maar als ik echt heel moe ben – periodes dat ik me echt weer mezelf voel zijn steeds langer.
Donderdag gaf de weegschaal ruim 54 kilo aan, gelukkig! Ik blij, ik kan misschien de 56 nog halen voor ik hier wegga. Dan heb ik er thuis nog “maar” 11 of 12 te gaan. De draak stond bij deze boodschap wel meteen op, en begon allerlei ideeën in mijn hoofd los te laten. Blijkbaar kom je kilo’s aan van een paar simpele boterhammetjes met appelstroop. Ik zou maar uitkijken met echt eten! Oh, en dat het zo langzaam ging, dat komt vast door de sondevoeding – die is veganistisch en vast minder voedzaam. Ja lieve mensen, op een slecht moment heb ik inderdaad nog gegoogeld naar ervaringen in aankomen met Nutrison Soya Multi Fibre, meer dan de voedingswaarden zelf (ruim 1000kcal per liter, ik kreeg 2,5 liter per dag) heb ik niet gevonden.
Diezelfde dag ben ik begonnen met het afbouwen van de sondevoeding, en ging ik voor het eerst 3 maaltijden per dag eten. Alles op het menu is overlegd met mij, maar het is onvermijdelijk dat het hoofdzakelijk “fear foods” zijn. Om elke dag 3500kcal aan komkommers en sla naar binnen te werken is nu eenmaal lastig. De boterham waar ik maandag mee begon had ook angstaanjagend moeten zijn (brood! met! boter! EN! beleg!) – maar hij was zo lekker, en toen ik hem op had voelde ik alleen maar euforie. Zoveel beter dan het flesje Nutridrink dat ik had voorgesteld aan de diëtist. Van mijn magere buurvrouwtje van 84, die elke dag 2x zo’n flesje moet drinken weet ik dat ze vrij ranzig zijn. Brood stond echter al een tijdje op de zwarte lijst, en dat terwijl (of natuurlijk juist omdat) ik het zo lekker vind, vooral zelfgebakken brood. En als dat dat niet lukt heerlijke verse broodjes van de Lidl, of Liefde&Passie van de Appie. Afgelopen zomer lag er steeds vaker iets anders dan brood op mijn bord dan brood, en geleidelijk aan at ik het helemaal niet meer. Ik zal nooit vergeten dat mijn lieve husband zich een keer liet ontvallen dat hij “ooit een vrouw had die ’n lekker broodje at bij de soep”. En hoe hij me in het najaar nog een paar keer heeft geprobeerd aan te zetten om mijn favoriete broodje van de Lidl mee te nemen (een volkoren bio-broodje met veel pitjes enzo), en die dan te delen met ons knulletje die dat stickertje van eetbaar papier wil eten. Diep vanbinnen brak ik dan, want ik wilde dat zo graag, en het lukte niet. Dat is precies hoe anorexia werkt – het gaat niet om niet willen eten of het niet lusten, integendeel.
Ondertussen heb ik al heel wat boterhammen op, en wissel ik de minst enge enge belegsoort (in mijn geval appelstroop) af met heerlijk horrorbeleg (notenpasta). Sinds zaterdag heb ik 1,5 liter sondevoeding en eet ik ook tussendoortjes (dadels, Nak’d barrepen, noten, extra boterhammen) en warm eten. Terwijl de diëtist verwachtte dat er geen veganistische maaltijden geleverd zouden kunnen worden in deze seniorenkliniek, bleek er een ruim aanbod vanuit “de keuken” te zijn. Geweldig! Er is denk ik vooral weinig vraag naar vanuit hier – ik ben dan ook een half leven jonger dan de meeste van mijn medebewoners. Die krijgen gewone Hollandsche kost, maar een deel van die gerechten kan ook vegan gemaakt worden als daarom gevraagd wordt. Mijn eerste warme hap was dus boerenkoolstamppot. Ik denk dat het rustig 20 jaar geleden is dat ik dat voor het laatst gegeten had. Het heeft me opperbest gesmaakt. Net als de medjouldadels tussendoor, en de sojayoghurt met geprakte banaan en muesli bij de lunch. Maar tot nu toe was niks lekkerder dan het warme broodje uit de oven dat ik dit weekend thuis heb gegeten, gewoon aan onze eettafel. Die smaakt echt naar meer, en dat meer begint gewoon al over een week. 3 februari kom ik thuis, op de vijfde verjaardag van mijn jongste en in de week dat mijn oudste alweer een tiener wordt. Op tijd om hun stoelen te versieren. De mijne is al versierd, door de middelste. Daar moet ik op zitten als ik die door haar belegde boterham met hagelslag ga eten.
Het valt me zo mee allemaal! Ik weet zeker dat het me gaat lukken – ik win deze oorlog gewoon, hap voor hap. Deze week gaan we verder afbouwen: vanaf morgen nog maar 1 liter sonde, vanaf donderdag een halve liter, en die porties krijg ik ’s nachts. Met ingang van morgen ben ik overdag bevrijd van de rammelende paal die ik de afgelopen weken steeds op sleeptouw moest nemen als ik rondliep, en deze zaterdagochtend mag ’t slangetje dan eindelijk uit mijn neus. Zaterdagen hier zijn vrij vreselijk, en ik krijg ook geen bezoek, maar reken maar dat ik ook dat momentje ga vieren (met iets lekkers).



Pure chocola is toch ook vegan? Misschien is dat iets om je verlossing van het slangetje mee te vieren? 😉
LikeLike