Exit strategie

Mijn laatste bericht is gewoontegetrouw al veel langer geleden dan ik eigenlijk had bedoeld, maar dit keer heb ik écht meerdere goede redenen (en een aantal rotsmoesjes).

Toen ik vorig jaar augustus op het randje van een terugval balanceerde, moest ik een keuze maken. Ik wist namelijk dat ik prima langere tijd zo kon door modderen en intussen mezelf kon beklagen “dat het zo langzaam gaat” en “dat zoveel strijd is” en “dat ik zo moe ben”. Och och. Ik zou op een gewicht blijven hangen waar mijn eetstoornis misschien mokkend van in een hoekje gaat zitten, maar waarvoor ik ook steeds harder moest werken om het aankomen tegen te gaan. Je lijf strijdt namelijk voor je gezondheid, en daarmee was een terugval op termijn onvermijdelijk. Mijn energie was nog lang niet op peil – logisch gezien ik mijn energie vaak meteen opmaakte – en daarom was het nog te vroeg om weer aan het werk te gaan. Tegelijk had ik zonder baan alle tijd om een verkapte eetstoornis onder het nom van herstel te hebben, de maintenance versie waardoor ik in ieder geval niet de strijd met de gevoelens over een zwaarder lijf hoefde te hebben. Als exitstrategie had ik dus bezigheden nodig die echt onverenigbaar zijn met die knagende anorexiahonger. Geen makkelijke taak, want ik heb jaren met secuur ingeplande periodes van honger gewerkt en dat werd pas door anderen en mijzelf opgemerkt toen mijn bmi al richting de 16 ging en ik het zelfs bij warm weer ijskoud had.

Ik koos voor rijles.

Ja, echt, deze mevrouw is gepromoveerd maar kan geen autorijden. Het bleek te werken – tijdens het rijden had ik nul ruimte om eetgestoorde gedachten te hebben, het was absoluut nodig om genoeg gegeten te hebben, dus geen intern gebakkelei over extra boterhammen en plakken koek, en nadien moest er ook meteen iets vullends in. Na de eerste lessen stond ik alweer te zwaaien op mijn benen, dat slappe rotgevoel was er in die tijd (september 2020) nog lang niet uit. Ik ben natuurlijk een oude voorzichtige kneus die op haar 40ste nog gaat lessen, maar het kan me geen bal schelen. Rijden is best leuk, en als ik dat grote-mensen-ding kan, kan ik vast ook wel weer 100% normaal eten. Na de herfstvakantie haalde ik in 1x mijn theorie (oh, de opluchting toen dat meteen na die onmogelijke vragen in beeld verscheen), en voorlopig ben ik nog wel even aan het lessen, want in december zette Corona een streep door mijn ritjes. Pech. Ik had toen al genoeg tijd gehad om mijn nieuwe goede gewoontes aan te leren, en die übervoedzame ontbijtkoeken, desembroden en vegan custards die ik zelf maak zijn te onweerstaanbaar om niet te eten.

Zal ik nu maar gewoon even fast-forwarden?

In november maakte ik meer werk van mijn reïntegratietraject door zelf steeds te kijken wat ik naast mijn rijlessen aankon en wat voor werk ik weer zou kunnen oppakken. Dat was om te beginnen vrijwilligerswerk als schrijver/onderzoeker. Ik begon weer met sporten (ja, risky, zal ik nog wel meer over schrijven) waardoor de honger zoveel sterker werd dat er steeds minder ruimte kon bestaan tussen het denken over eten en het eten zelf. Ondertussen zaten we weer in een lockdown en kwam het van mijn leuke werk niet zoveel. Toch was het wel een opstap, ik durfde zelfs weer te solliciteren op een “echte” baan. Opluchting daar toen ik voor de eerste baan waar ik dat een beetje op wilde “oefenen” afgewezen werd (het was bijna mijn bedoeling, al was ik natuurlijk ook een beetje beledigd). De tweede geschikte vacature kwam zomaar op mijn pad eind januari en leek een long shot, maar zo fantastisch dat ik het toch geprobeerd heb. Eind februari en begin maart vloog er van de spanning in de procedure een kilootje af, maar dat heb ik mezelf maar vergeven.

Want ik heb de baan.

Ik werk ondertussen alweer een tijd – meteen voltijd (want is wel mijn stijl om van half dood naar vol gas te gaan, niet?). Voor dit werk ben ik veel met mensen en ideeën bezig – mijn bovenkamer is genoeg in touw om eetgestoorde gedachten naar de achtergrond te dringen. Met 40 uur per week online vergaderen, schrijven, meelezen en dingen uitzoeken heb ook geen tijd om me stiekem weer een blessure te rennen. Die ene sollicitatiekilo is er allang weer aan en heeft ook nieuwe vriendjes – ik ben bijna op het minimale streefgewicht dat ik in november 2019 met de behandelaars vastlegde. Een mooie 20 kilo zit er tussen het diepste punt in december 2019 en nu. Voor Anorexia een onacceptabele hoeveelheid, maar voor mezelf een des te groter dankbaar besef van hoe ver ik terug ben gekomen.

Het pikzwarte hoofdstuk heb ik afgesloten. Maar dit boek is nog lang niet uit.

🙂

Een gedachte over “Exit strategie

Geef een reactie op booksometea Reactie annuleren